De logische vooropleiding is de 2de graad TSO Sociale en technische wetenschappen. In deze studierichting is, naast een sterk algemene vorming, vooral een menswetenschappelijke en een natuurwetenschappelijke vorming belangrijk. Biologie, chemie en fysica worden in het laboratorium praktisch toegepast. Deze vakken krijgen hun toepassing in wat met het leefmilieu en de voeding te maken heeft.

De mens zelf, zijn arbeid en zijn leefomgeving vormen het onderwerp van een doorgedreven studie: gezin en samenleving, hygiëne en gezondheid, economie en recht, welzijn en ontwikkeling, voedsel- en andere levensbehoeften, communicatie en samenwerking, marktgebeuren en verkoop. De opleiding biedt een brede algemene vorming en leert hoe de mens functioneert in de samenleving.

Men leert Sociale Activiteiten organiseren aangepast aan verschillende doelgroepen en contexten. Ook voor de materiële ondersteuning leert men instaan. Het technisch aspect uit zich in de praktijk rond voeding gesteund op wetenschappelijke inzichten.

In Sociale Wetenschappen staat de mens en zijn gedrag centraal. Men verwerft vaardigheden en inzichten in communicatie, verschillende vormen van expressie,… Men leert over sociale contexten en diversiteit binnen de samenleving, leerprocessen (waarneming, geheugen, intelligentie…).

In Sociale Wetenschappen leert men o.a.:

  • het schema ‘mens- gedrag en beïnvloedende factoren’ (interne en externe) verduidelijken
  • onderzoeken hoe de lichamelijke, cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van de mens verloopt
  • de samenhang van elementen die een rol spelen in het pedagogisch handelen
  • de factoren die het gedrag beïnvloeden in kaart te brengen
  • hoe men als mens deel uitmaakt van de samenleving
  • zijn eigen mogelijkheden verkennen.

In Natuurwetenschappen verwerft men inzichten en vaardigheden via experimenten en praktische opdrachten, gesteund op de theorie. De basiskennis vertrekt vanuit 3 pijlers: mens (biologie en chemie), milieu (fysica, biologie en chemie) en voeding (biologie en chemie).

In Natuurwetenschappen leert men o.a.:

  • stofwisseling (de cel en weefsel, stofwisseling tussen cellen en milieu)
  • koolstofchemie (bindingsmogelijkheden, molecuulstructuur, stofklassen, isomeren, …)
  • elektrodynamica (elektrische stroom, geleiders en isolators, spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen, …)
  • biochemie (voedingsmiddelen, fotosynthese, opbouw- en afbraakreacties, aminozuren, structuur van eiwitten, vitamines, …)
  • elektromagnetisme (magnetische krachten, magnetisch veld, magnetiseerbare en niet-magnetiseerbare stoffen, veldlijnenspectra, …) homeostase en afweer (hematocrietwaarde, bloeddrukregeling, bloedsuikerspiegel, resussysteem, immuniteit, …)
  • voortplanting en erfelijkheidsleer (celdeling, voortplanting bij de mens, mendelwetten …)
  • evolutieleer (evolutietheorieën, biologische evolutie van de mens …)
  • mechanica (rust en beweging, snelheid, versnelling, actie en reactie, energie …)
  • geluid en licht (trillingen, golven, spectrum …)
  • kernfysica (kernsplijting, kernfusie, isotopen …)

Eenvoudige proeven en toepassingen worden toegelicht. Men leert de computer en bijhorende software hanteren voor het verwerven van informatie en het verwerken van gegevens.

Buitengewoon Secundair Onderwijs Sint-Elisabeth gebruikt cookies om uw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken.